Cerro Tunari

Cerro Tunari is de hoogste berg van de provincie Cochabamba. Met zijn 5050 meters kan je deze berg onmogelijk missen. Vanuit de stad Cochabamba kan je praktisch altijd zijn top aanschouwen. Tijdens mijn wereldreis heb ik het beklimmen van bergen altijd geweldig gevonden. Tijdens mijn verblijf in Cochabamba begon het dan ook steeds meer te kriebelen. Ik moest die berg op! Afgelopen zaterdag was het zover. Eindelijk heb ik Ingrid zo gek gekregen om mij te vergezellen.

Op internet worden enkele tours aangeboden om Cerro Tunari te beklimmen. Aangezien ik een gruwelijke hekel heb aan tours, hadden we besloten om het anders te doen. Gewoon met het openbaar vervoer. We gingen om 6 uur in de ochtend de deur uit. De eerste bus van Cochabamba naar Quillacollo is totaal geen probleem. De rit duurt ongeveer 40 minuten en kost 2,2 bolivianos en gaat elke vijf minuten. De volgende stap is om een bus van Quillacollo naar Morochata te pakken. De bussen vertrekken drie straten van het hoofdplein. Vraag aan de taxi chauffeurs waar je wezen moet en die sturen je wel de goede kant op. Deze rit is een stuk duurder: 20 bolivianos. Dit heeft alles te maken met het hoogteverschil en de niet geasfalteerde wegen, die absoluut een aanslag voor de auto zijn. De rit gaat van 2600 meter naar 4400 meter in ongeveer een uur. Zeg tegen de chauffeur dat je Cerro Tunari wil beklimmen en hij weet wel waar je eruit getrapt moet worden. Let wel op dat het hoogteverschil aanzienlijk is, dus gevoelige mensen voor hoogteziekte kunnen deze exercitie beter niet ondergaan. Vergeet echter vooral niet te genieten tijdens de rit waar de chauffeur zich volpropt met coca bladeren.

Video in de auto keihard omhoog

Eenmaal uitgespuugd aan de zijkant van de hoofdweg kan het wandelen beginnen. Er gaat een zandweg naar de voet van de berg. Deze zandweg belopen duurt ongeveer 90 minuten. Er komt één Y splitsing onderweg en het is belangrijk om rechts aan te houden. Dit is misschien de enige reden om een tour te boeken of een auto te huren. Dat bespaart je in totaal 90 minuten heen en 45 minuten terug aan wandeltijd over een niet heel spectaculaire weg. Houdt er echter wel rekening mee dat de weg niet echt solid is. Ik zou met mijn autorij skills in ieder geval nooit het avontuur aandurven, laat mij maar lekker lopen. Bovendien hebben we tijdens het belopen van deze zandweg zat gezien: llamas, ijspegels en wij hebben een vriend gemaakt in de vorm van een sportieve hond.

Eenmaal aan het eind van de zandweg hadden we een probleem. Er was geen duidelijk pad te bekennen en er waren meerdere toppen, die in aanmerking kwamen om de hoogste te zijn. Met geen flauw idee waar te beginnen, werden we gered door vier expats, die net met de auto aankwamen. Eén van de expats had de berg al eerder beklommen en had magische instructies. Aan het eind van de zandweg ligt een meer. Houdt dit meer aan de rechterkant en klim helemaal omhoog. Er is geen duidelijk pad te onderscheiden dus zonder gids (onze expats) waren we reddeloos verloren. Als je eenmaal boven bent gekomen (ongeveer 200 meter hoger) buig je links af met de rotsen mee en dan is het simpel. Loop constant naar het hoogste object en elke keer als je dicht bij dit object komt, is er weer een hoger object en dit gaat zo door tot je op de punt van de berg staat. Met de foto’s onderaan dit artikel moet het lukken om de top te vinden. Op eigen houtje dit soort exercities ondernemen is dus niet geheel risicoloos, maar tot nu toe heeft deze gozer altijd stikkende mazzel en komt het op de een of andere manier altijd goed.

De weg naar de top is niet gemakkelijk. Natuurlijk gaat het ademhalen compleet waardeloos op 4500+. Door de snelle hoogtestijging heb je al gauw last van hoofdpijn en duizeligheid. Als je conditie niet goed genoeg is dan gaat het helemaal een moeilijk verhaal worden. Ingrid kon bijvoorbeeld tien meter omhoog en was vervolgens buiten adem en moest een minuut rusten. De laatste 150 meter was er echter geen normaal te bewandelen pad meer. Louter grote rotsblokken van enkele vierkante meters. Het werd dus echt klimmen met handen en voeten, waardoor Ingrid de top niet heeft gehaald. Ik ben echter ontzettend trots dat ze tot 4920 meter is gekomen, aangezien sporten niet echt hoog op haar prioriteiten lijst staat. Dus ik was uiteindelijk de enige Ganzinotti op de top. Gelukkig was onze viervoeter de hele rit bij ons gebleven, waardoor ik toch gezelschap had. Samen op 5051 meter boven zeeniveau hebben we een blikje tonijn gedeeld. Het blijft een geweldig gevoel om op de top van een berg te staan. Aan de voet van een berg lijkt de hoogte niet zo heel spectaculair. Als je echter eenmaal op de top staat lijkt alles twee keer zo klein. De andere bergen zijn gedegradeerd tot schimmen.

Video op de top

Het nadeel van hoge bergen beklimmen is dat er meestal maar één weg is. De weg terug is dus dezelfde weg, waardoor er niet veel extra dingen te zien zijn. Tel daar bij op de vermoeidheid en dan wordt het al gauw een vervelende klus. Voor een motorische idioot van twee meter is het extra vervelend, omdat steentjes onder mijn voeten wegschuiven en balans altijd een probleem is. Gelukkig zat Ingrid mij op te wachten met gewassen fruit, tonijn, water en bemoedigende woorden. Samen zijn we afgedaald en hebben we de weg terug bewandeld. In totaal zijn we een dikke vijf en een half uur aan het wandelen geweest. Toen we bijna aan het eind van de zandweg waren, werden we ingehaald door de auto met expats. Ze boden ons een rit naar Cochabamba aan, waardoor de terugweg aanvoelde als een gift van god.

Video van de terugweg

Foto’s van Cerro Tunari

Technische Details op Garmin Connect

Vergelijkbare Berichten:

  1. 30 april 2013

    […] eerste weekeind was het wederom diarree tijd. Het tweede weekeind kon ik niet hardlopen, omdat ik Cerro Tunari aan het beklimmen was en op 15 april was het helemaal foute boel. Mijn rensokken zaten in de was, […]

  2. 13 juli 2016

    […] eerste weekeind was het wederom diarree tijd. Het tweede weekeind kon ik niet hardlopen, omdat ik Cerro Tunari aan het beklimmen was en op 15 april was het helemaal foute boel. Mijn rensokken zaten in de was, […]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *