Villa Tunari

Als inwoner van Cochabamba zijn de reisbestemmingen voor het weekeind op één hand te tellen. Aangezien ik door werk ben veroordeeld tot het weekeind heb ik gekozen om vier weken geleden wederom Villa Tunari te bezoeken. Samen met mijn moeder.

Even kort de geschiedenis van Giovanni en Villa Tunari. De eerste keer dat ik Villa Tunari bezocht was met Remco de rocket scientist. De hele trip was één grote regenbui. Er valt ontzettend veel regen in Villa Tunari, dus een bezoek kan soms aanvoelen als Russisch Roulette. De eerste keer kreeg ik de kogel:

Villa Tunari - 1

Mijn tweede bezoek was met Ingrid, toentertijd mijn vriendin. Dit bezoek verliep een stuk prettiger. Dit had alles te maken met het weer. Villa Tunari ligt op 300 meter boven zeeniveau en dat is voor Bolivia zeldzaam laag. Aangezien Bolivia dicht bij de evenaar ligt. Is het resultaat een tropisch plaatsje. Het is drukkend warm en het aantal insecten valt niet te verwaarlozen, maar deze condities maken het uiterst geschikt voor vegetatie om de wereld over te nemen. Het is prachtig om te zien hoe gigantische groene organismes het hele aangezicht groen kleuren. Het lijkt een compleet andere wereld dan de stad Cochabamba. Ongelofelijk aangezien Villa Tunari maar vier uur verwijderd is van Cochabamba over de autoweg. Villa Tunari probeert met deze kwaliteiten toeristen te trekken. Er zijn grofweg vier trekpleisters. Er is een grot met een uiterst zeldzame vogel, er is een reservaat waar mishandelde dieren worden opgevangen, er is een wilde rivier, die zich goed leent voor kayaking & rafting en Villa Tunari is een transport hub voor het betreden van een gigantisch nationaal park met de naam: Parque Nacional Carrasco. In mijn ogen zijn deze trekpleisters goed genoeg om een aantrekkelijke toeristische plek te creëren. Er is echter één groot probleem. Dit probleem is Bolivia niet vreemd: cocaïne.

Tijdens mijn bezoek merkte ik al gauw dat de mensen niet zo happig zijn op toeristen. De hotels en hostels vragen schandalige prijzen. Ik heb werkelijk nog nooit zoveel betaald voor een simpele kamer in Bolivia. Een gat in de muur, waar de deur van zowel de kamer als de badkamer half geopend konden worden, simpelweg omdat het bed 90% van de kamer bestreek, koste 90 bs. De beste eigenaar had in mijn ogen ontzettend grote mazzel dat de andere 10 hotels net zulke woekerprijzen vroegen. Het trieste van alles was dat alle hotels leeg waren. Dit was overigens ook het geval voor de zwembaden. Alle zwembaden waren leeg. Alles wat ik aantrof wees op het feit dat Villa Tunari geen gezellige plek is. De hoofdstraat is de kern van Villa Tunari. De markt en nagenoeg alle restaurants liggen aan de hoofdstraat. Wat het erg ongezellig maakt is het feit dat deze hoofdstraat tevens de enige acceptabele weg is voor vrachtverkeer tussen Santa Cruz en Cochabamba. Er gieren dus non-stop allerlei grote enge wagens voorbij. Hier komt nog bij dat er ongeveer twee keer zoveel militairen als gewone burgers rondlopen. Ik heb geen directe verklaring gevonden voor de aanwezigheid van zoveel militairen, maar het voelt allemaal wel een beetje duister in die camouflage kleuren midden in de jungle. Wat het horror scenario compleet maakt is de rest van de mensen. Tijdens mijn ontbijt aan de hoofdweg zat iedereen naar elkaar te turen. Ik gooide een balletje op bij Ingrid om te zien of het aan mij lag, maar zij was het met mij eens. Het leek of de hele bevolking een training tot bodyguard aan het volgen was. Mensen waren constant met elkaar aan het fluisteren. De restaurant eigenaar verloor de hoofdweg geen seconde uit het oog. Verder oogde iedereen chagrijnig en ik heb werkelijk geen glimlach op het gezicht van een volwassene gezien. Tot slot ben ik later tot de ontdekking gekomen dat het gebied rondom Villa Tunari vol zit met coca-plantages. Wat mij betreft is dit een typisch gevalletje waar rook is, is vuur. Als je vervolgens in de reisboekjes leest dat het wordt afgeraden om het nationaal park te betreden, omdat de bevolking liever niet heeft dat dit park überhaupt bezocht wordt, dan is er opeens wel heel veel rook.

Mijn tweede bezoek was dus een beetje vreemd. Ik heb echter ontzettend genoten van het weekeind. Lekker samen met mijn vriendin in de jungle. Geluidjes luisteren, kleine wandelingen maken, super zoete vruchten uitlebberen en filosoferen over Bolivia en het leven. Zelf ben ik echter van mening dat er zat plekken zijn in Bolivia, die de reiziger een stuk beter accommoderen.

Ondanks een stevige afkeer voor Villa Tunari ben ik voor een derde keer op bezoek gegaan. Dit keer met mijn moeder. Bij aankomst omstreeks 13:30 probeerde ik een lunch te scoren op de markt van Villa Tunari. Er waren een aantal mensen aan het eten en er waren drie personen aan het koken, maar er werd mij verteld dat er geen eten was. Toen ook de lokale sandwich verkopers niks verkochten, omdat het brood op was, had ik het alweer helemaal gehad. Dit keer duurde het maar liefst 15 minuten. Om het nare gevoel van het dorpje Villa Tunari te vermijden en tevens mijn moeders wens voor een gevuld zwembad te vervullen, gingen we richting een luxe resort 4km buiten het dorpje. Dit bleek een uitstekende keus. Ik kon rustig wat nakijk werk verrichten en mijn moeder was aan het chillen in het zwembad. De eerste dag hebben wij dus werkelijk niks gezien van Villa Tunari. Een echte aanrader.

De tweede dag gingen we naar Parque Machia. In dit park worden mishandelde dieren verzorgd. Een circus beer, een circus puma, vogels die zijn verminkt en niet kunnen vliegen etc. Voor toeristen is het leuk om deze dieren te zien in een soort halve dierentuin ervaring. Verder blijft de natuur en het groen geweldig. Er is zat te zien: gigantische mieren, termieten, wortelnetwerken van bomen, mooie bloemen en tientallen apen. De apen komen volgens mij op de toeristen af om water en voedsel te verzamelen. Volgens de regels van het park mogen de dieren absoluut niet gevoed worden. De apen lopen echter met drink flesjes voorbij en als je niet voorzichtig bent dan kan je wel fluiten naar je eigen drink flesje. Ik moet zeggen dat het erg vermakelijk is. De aapjes vinden het geweldig om aangeraakt te worden. Dit mag natuurlijk ook niet volgens de regels van het park, maar in mijn twee bezoekjes aan het park ging de interactie tussen aap en mens prima. Het enige probleem dat ik persoonlijk heb gezien was de vrijwilliger van het park, die dacht dat het wel een goed idee was om de aap te prikken met een stok om hem weg te jagen. Deze vrijwilliger was met een andere vrijwilliger de ex circus beer aan het uitlaten. Vreselijk vervelende vent als je het mij vraagt. Ik kreeg het gevoel dat hij zichzelf een echte natuur/wereldverbeteraar vond en in mijn ogen was hij een kerel, die een ex circus beer aan het uitlaten was. Een activiteit waar ik het nut niet van kan inzien.

Tot slot even een samenvatting. Het is waarschijnlijk beter om Villa Tunari niet te bezoeken. Als je er echter toch bent kan je een leuke natuurwandeling maken van enkele uren in Parque Machia. De kayak & rafting avonturen klinken leuk, maar volgens mij moet je verdomde mazzel hebben om genoeg toeristen bij elkaar te verzamelen om werkelijk de rivier op te kunnen. De toeristen plek Villa Tunari voelt een beetje aan als een leugen. Het grootste gedeelte van de bevolking is met interessante dingen bezig, maar dit heeft niks met toerisme te maken.

Mom

Vergelijkbare Berichten:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *